Introductie in gemeente financiën

Inleiding

Over gemeentefinanciën wordt heel ingewikkeld gedaan. Nu zijn ze ook wel ingewikkeld, maar als je je er een beetje in verdiept zijn ze prima te begrijpen voor iemand die een beetje gevoel voor getallen heeft. Eigenlijk werken gemeentefinanciën net zoals het huishoudboekje van een doorsnee gezin. Een gemeente heeft net als een gezin allemaal posten waar ze ieder jaar haar geld aan uitgeeft. Die verschillende posten waar geld aan wordt uitegegeven worden taken genoemd. Immers een gemeente is van ons allemaal en moet allemaal klusjes/taken voor de inwomers van die gemeente doen. Om het een beetje overzichtelijk te houden, zijn de taken samengevoegd in programma’s.

De huidige coalitie van Opsterlands Belang – CDA – CU heeft het huishoudboekje in 6 programma’s onderverdeeld:

  1. Besturen – De kosten en baten voor de gemeenteraad, Griffie, B&W, Veiligheid, Brandweer, Communicatie.  Lees meer…
  2. Wonen en Werken – De kosten en baten voor woonbeleid, dorpenbeleid, bestemmingsplannen, economisch beleid. Lees meer…
  3. Ontspannen – De kosten en baten voor recreatie, sport, cultuur, bibliotheek, vrijwilligers en dorpsaccomodaties. Lees meer…
  4. Leren – De kosten en baten voor onderwijs, huisvesting onderwijs, peuterspeelzalen en kinderopvang. Lees meer…
  5. Zorgen – De kosten en baten voor werkgelegenheid, sociale dienst, minderheden, mantelzorg, gezondheid, wmo. Lees meer…
  6. Beheren – De kosten en baten voor milieu, afval, riool, natuur en openbaar groen, wegen en verkeer. Lees meer…

Begroting

De gemeente Opsterland moet haar begroting sluitend maken. Het is een gemeente  niet toegestaan om geen sluitende begroting te hebben. Dus zal een gemeenteraad ervoor moeten zorgen dat wanneer er meer kosten zijn, er elders  bezuinigd wordt. Net als met uw huishoudboekje, mag er ieder jaar niet meer geld worden uitgegeven dan dat er binnenkomt.

Reserves en Voorzieningen

Daarnaast heeft een gemeente net als ons allemaal bezittingen. Die bezittingen bestaan uit zaken die je gewoon kunt verkopen zoals gebouwen, maar ook uit zaken die je niet zomaar kunt verkopen, zoals wegen of een brug. De oorspronkelijke aanschafwaarde (of de lagere waarde in het huidige economisch verkeer) van al die verschillende bezittingen kun je bij elkaar optellen waar je dan weer de schulden van de gemeente vanaf trekt en dat is dan het bedrag dat een gemeente ‘bezit’. Dat bezit is een getal in euro’s (net zoals je huis een bepaalde waarde heeft). Dat ‘bezit’ wordt vervolgens gezien als een spaarpot. Hoewel die spaarpot is vaak niet gevuld is met geld, maar gevuld met vastgoed en andere zaken die een economische waarde in euro’s hebben.

Dat totaalbedrag van die spaarpot wordt vervolgens gebruikt om nieuwe investeringen mee te kunnen doen. Bijvoorbeeld wanneer de gemeenteraad besluit een nieuwe school te gaan bouwen, heeft ze daar geld voor nodig en kan ze vast een deel van die spaarpot claimen als ‘reserve voor de nieuwe school’, het is dan ook alleen de gemeenteraad die nieuwe reserves mag instellen.

Daarnaast zijn er kosten die een gemeente ziet aankomen in de toekomst en die onontkoombaar zijn. (vergelijk het bijvoorbeeld met die schilderbeurt van je huis waar je niet onderuit komt) Dan is het het college van Burgemeester en Wethouders (B&W) dat een ‘voorziening’ moet instellen. Die voorziening gaat ook ten koste van diezelfde spaarpot.

Uiteindelijk is de hele spaarpot van de gemeente Opsterland opgedeeld in allemaal reserves en voorzieningen voor bijvoorbeeld het bouwen van nieuwe scholen, de aanleg van het Polder Hoofd Kanaal en het vervangen van bijvoorbeeld bruggen. Tenslotte is er nog een deel van de spaarpot over en dat deel van de spaarpot noemen we de ‘Algemene Reserve’. De Algemene reserve is eigenlijk het stukje in de spaarpot dat gebruikt kan worden voor nieuw beleid; het bouwen van een nieuwe school of bijvoorbeeld een nieuwe weg. Wanneer er na een bepaald jaar geld overblijft wordt dit meestal gestort in de spaarpot ‘algemene voorziening’ zodat het in de toekomst gebruikt kan worden voor nieuwe zaken die geld kosten.

Samenvattend kun je de reserves en voorzieningen gewoon zien als de spaarpot van de gemeente. Vergelijk het met je eigen koophuis,  je auto en andere bezittingen die opgeteld ook een bepaalde totale waarde hebben. Vervolgens kun je die waarde alvast ‘reserveren’ voor een schilderbeurt in de toekomst of een investering in een zomerhuisje. Het verschil tussen een gemeente en een huishouden is trouwens wel dat een gemeente niet failliet kan gaan en een huishouden wel. Een gemeente kan dan ook veel gemakkelijker geld lenen dan dat een huishouden dat kan.

Inkomsten voor een gemeente

De gemeente Opsterland krijgt haar geld uit meerdere bronnen:

  • Het gemeentefonds – de uitkering van de nationale overheid aan de gemeente Opsterland
  • Leges – Als u bijvoorbeeld een paspoort koopt, betaalt u de kosten voor dat paspoort
  • Vergunningen – De gemeente moet vergunningen controleren dus kost dat geld en dat betaalt u bij de aanvraag
  • Belastingen – De gemeente Opsterland heft bijvoorbeeld O.Z.B. en toeristenbelasting (maar weer geen hondenbelasting).
  • Rioolrechten – Het riool kost veel geld, dus betaalt u ieder jaar mee aan het onderhoud van het riool
  • Afvalstoffenheffing – We moeten ons afval kwijt en dus betaalt u een bedrag per jaar voor uw afval.

Als we die verschillende inkomsten met elkaar vergelijken, valt meteen op dat ‘het gemeentefonds’ veruit de grootste bijdrage levert aan de inkomsten gemeente Opsterland. Dit bedrag is afhankelijk van vele factoren zoals oppervlakte, aantal inwoners, verstedelijking, aantal mensen in de bijstand, etc. en wordt door de nationale overheid ieder jaar uitgekeerd.
Inkomsten 2013Hiernaast kunt u zien dat ongeveer 71% van de inkomsten direct van de nationale overheid komt. Daarna volgt de niet populaire Onroerende Zaak Belasting (OZB) met zo’n 10%. Daarna volgt de rioolheffing met 7% en de afvalstoffenheffing met 8%. Alle overige leges en belastingen zijn slechts 4% van het inkomen van de gemeente Opsterland.

We zijn dus  voor ons inkomen enorm afhankelijk van wat er nationaal besloten wordt. Wanneer het kabinet de uitkering aan gemeenten met 10% kort, betekent dat dat wij in Opsterland zo’n 7% van de kosten moeten reduceren. Waarom dat een veel groter probleem is dan het lijkt, zal dadelijk duidelijk worden. Het is namelijk zo dat we op het grootste deel van de uitgaven geen invloed hebben. We zijn wettelijk verplicht om sociale dienst uitkeringen te verstrekken, dus die kosten kunnen we niet beïnvloeden. De posten in 2013 waar we geheel vrij in zijn om keuzes in te maken, is slechts 4.5Miljoen. Dus wanneer de nationale overheid 15% bezuinigt, dan zou je alle activiteiten waar we de volledige vrijheid in hebben, moeten schrappen. Daaronder valt het sluiten van alle bibiliotheken, geen geld meer voor dorpshuizen, geen cultuur of muziekonderwijs en geen beheer en onderhoud van sportvelden meer.

Baten-lasten1

 

<wordt aan gewerkt>


 

    Geef een reactie